maandag 31 december 2018

Nog geen Tabak van



'Frequently during the period from early December through mid January or so, the easterly trade winds become stronger and remain moderately strong for a period of at least several days, sometimes more than a week or so. These are the so-called “Christmas winds” of the Caribbean'.

Nou daar zijn we dan mooi klaar mee. We liggen in een ankerbaai op Aruba en het waait hier de stront van de dijk. Iedere ochtend (en middag en soms ook avond) halen we hoopvol (maar tevergeefs) een nieuw weerberichtje op om te zien of zich binnenkort een weergaatje aandient om in 5 dagen naar Jamaica te varen. Cruiseboten varen af en aan. Aan boord is het met de wind die hard rondom de mast waait een beetje ongezellig. Je gaat niet voor je lol even in de kuip zitten, tenzij je er plezier in hebt om daarna de knopen uit je haar te kammen die er in gewaaid zijn. We hadden eigenlijk gehoopt om tussen kerst en oud & nieuw te vertrekken, maar dat bleek er niet in te zitten.
Gelukkig heeft Aruba behalve eindeloos veel hotels, Gucci, Prada en Cartier een nog grotere troef in handen. Eerder dit jaar zijn de Tabakjes (Kees, Majida en Marijn) hier neergestreken toen ze in Curacao besloten om hun zeilreis per boot voorlopig te pauzeren en het avontuur elders voort te zetten. Wanneer we na de beruchte inklaarprocedure aan de levensgevaarlijke douane-steiger (die in het echt ook wel weer meeviel) de ankerbaai invaren en met ons kleine bootje naar de kant varen, staan zij ons al vrolijk zwaaiend op te wachten. Het is alsof we gisteren nog onze eerste Carieb-biertjes samen dronken op Tobago!
We worden door hen compleet in de watten gelegd. We mogen hun auto lenen en tuffen langs de boulevard waar we onze ogen uitkijken naar alle designer shops terwijl we meeblèren met alle kersthits op de radio. We kunnen heerlijk uitgebreid (warm!) douchen, de wassen worden bij hen gedraaid en het is vooral heel erg fijn en gezellig om ze weer te zien. We houden een uitbundig Surf & Turf kerstdiner bij de familie Tabak, samen met de Vageb(l)ondjes en maken ons op om ook Oud & Nieuw bij hen te vieren.

We lopen onze spieren stram in Nationaal Park Arikok, oefenen onze buoyancy en navigatieskills in onze meest ondiepe duik ooit (2m), raken verslaafd aan restaurant de Zeerover (je kan echt alles in een frituurpan gooien!), hotsenbotsen off road over het strand om daar vakkundig de Tabak-drone te slopen en kletsen gezellig bij en filosoferen en dromen over nieuwe toekomstige avonturen.

Nu lijkt er langzaam zicht te komen op een weergaatje vanaf 6 of 7 januari. Natuurlijk hebben we heel veel zin om verder te varen en Jamaica te gaan verkennen. Maar ach, misschien wordt het wel weer verder uitgesteld. We hebben er immers nog geen Tabak van!!



Flinke branding aan de oostkant



Overnachtingshut aan de oostkant - compleet met bedden  en al!




zondag 2 december 2018

Ieder nadeel hep z'n voordeel

In Curacao staat onze favoriete bezigheid weer op het programma....klussen aan de boot. Onze noeste arbeid in Trinidad heeft ons slechts korte tijd plezier opgeleverd. De antifouling, de verf op het onderwaterschip die er voor moet zorgen dat we niet de hele flora en fauna uit de oceaan met ons meeslepen, heeft niet gehouden, dus dat moeten we weer eens dunnetjes overdoen.

Het planmatige in ons karakter (althans in dat van één van ons tweeën...) zijn we nog niet helemaal kwijt, dus ruim van te voren bestellen we de juiste potten verf en boeken een datum om uit het water te gaan. Helaas werkt het Caribische tempo niet in ons voordeel en blijkt de verf toch niet op tijd geleverd te kunnen worden waardoor we onze planning een week moeten opschuiven. Waar dat voorafgaand aan onze reis een hoop gescheld en getier zou hebben opgeleverd, zien we nu dat de reis toch wel al haar sporen op ons nalaat: joepie! nu kunnen we een weekje sightseeing doen op Curacao!

In plaats van in de Curacao Marina parkeren we onze boot daarom op de immense ankerplaats op het Spaanse Water. Riens van SY Zeezwaluw chauffeurt ons naar Willemstad voor het inklaarproces en geeft ons meteen de belangrijkste ins en outs die we moeten weten (lees: waar kun je goedkoop en lekker eten!).

We huren een prachtbolide met arko (alle ramen kunnen open) bij Dennis en na de lijst met bijzondere aandachtspunten doorgenomen te hebben ('als je de knipper naar rechts aanzet dan gaan de ruitenwissers aan' en 'laat de blower maar uit want dan valt je motorvermogen weg') voelen we ons de koning te rijk. We hebben de auto ook hard nodig want we willen we de volgende ochtend al voor zevenen op pad. Een belangrijke To-Do staat er dan op het program - we hebben om 9u een interview bij het Amerikaanse consulaat om een visum te bemachtigen zodat we met de boot naar de VS kunnen en de weg naar Willemstad is druk, hobbelig en onvoorspelbaar. We varen de volgende ochtend met ons kleine bootje naar de kant waar we in de ochtendschemering ons rode scheurmonster al net kunnen ontwaren. SHIT! Lekke band. En de reserveband is ook lek... Dan maar met een lekke band op pad, over de onverharde wegen op zoek naar een tankstation. Gevarenlichten voor de zekerheid aan, met als gevolg een zwiepende ruitenwisser voor je snufferd in de stralende ochtendzon. Een bijzonder gezicht. En ook nog aansluiten in de file...
Met het wegtikken van de tijd, stijgt de temperatuur in de auto en nemen de klotsende oksels toe. We parkeren ons scheurijzer (alleen nu dus even niet) langs de kant van de weg, verkleden ons in ons goede goed en steken de duim omhoog. Gelukkig duurt het nog geen minuut voordat we worden opgepikt door een auto die gelukkig wel over airco beschikt en wiens banden wel vol lucht zitten en kunnen we daarin aansluiten in dezelfde file.

Uiteindelijk komt alles op z'n pootjes terecht. Wij zijn op tijd voor ons interview waar we glansrijk voor slagen, Dennis heeft ondertussen de lekke band en het reservewiel gefixt en wij krijgen vanuit Willemstad een lift terug naar ons karretje. Al met al een goede start van ons verblijf hier op Curacao!

De dagen er na tuffen we probleemloos over het eiland. We beklimmen de Christoffelberg en duiken de Blue Room in, een grot aan de westkant van Curacao. We worden een beetje verliefd op Willemstad. We drinken de wereldberoemde Rom Berdè, een gifgroene rum die het midden houdt tussen dropshot, pastise en wodka, in de Netto Bar in Willemstad en proberen de lokale cuisine in iedere snèk en foodtruck die we tegenkomen. Een snèk is een openluchtbar waar bier, rum, pastechis, kippenpootjes, ijs en soms complete maaltijden worden  genuttigd. Vaak staan er een paar plastic stoeltjes en tafels voor de deur, de meeste mannen hangen aan de getraliede toonbank. Couleur locale noemen we dat.

En zo doen we in sneltreinvaart een rondje Curacao en schudden we de laatste Bonariaanse rustgevoelens van ons af. De potten verf zijn inmiddels gearriveerd dus vanaf maandag kunnen we aan de slag!

Uitzicht op Klein-Curacao bij zonsondergang

Invaart naar Spaans Water

Een stuk frisser hier, slechts 28 graden. Tijd dus voor een fleece-dekentje

Sight-seeing: uitzicht over Santa-Martha baai

Santa Martha baai: anker wishlist

Onze rode duivel

Uitzinnige vreugde, de top is bereikt

Bloed, zweet en een selfie

vrijdag 23 november 2018

Back in the sadle



Winterslaap, zomerreces, najaarsblues, noem het hoe je wil, maar het was stil aan het front. Inmiddels 10 maanden compleet ondergedompeld in het Caribische ritme, zijn we ten prooi gevallen aan het manana-manana-motto. In ieder geval op blog-gebied. En het klinkt misschien een beetje stom, maar 6 maanden op Bonaire liggen, daar schrijf je niet direct iedere 2 weken een spetterend verhaal over. 

Het echte reisgevoel ligt heel diep weggestopt een beetje te sluimeren, te wachten tot het weer wakker geschud wordt. Vanaf half oktober zien we de eerste mede-zeilers langzaam wakker worden.
Weerkaarten, actueel en historisch, worden er bijgepakt, routes worden uitgeplozen. Het orkaanseizoen is officieel nog niet voorbij maar de eersten wagen het er op om weer richting de Oost-Carieb te vertrekken. Wij wisselen dan nog een aantal hoogte-en dieptepunten van onze reis tot nu toe af, in Nederland en terug op Bonaire. En dan is het zover. Na een laatste gezellige steigerborrel worden de volgende ochtend de benodigde uitklaarstempels gehaald bij de douane. Er rolt nog net geen dikke stofwolk uit het grootzeil wanneer dit na 6 maanden voor het eerst weer wordt gehesen. Wel moeten we de schimmel uit de reddingsvesten spoelen. Met enige weerstand draaien de schroeven de eerste rondjes en krakend breken de roerbladen zich los uit de aangroei. De koers is oostwaarts, een schamele 25 mijlen naar Klein-Curaçao om in te komen. Een uurtje of 7 later dobberen we heerlijk eenzaam en alleen achter ons anker met uitzicht op een helderwit strand en op de achtergrond het geluid van golven die breken op het rif. Een verdwaalde schildpad steekt nog
even zijn kop boven het water uit om te zien wie zijn avondrust komt verstoren. Het is gedaan met de rust, onze reis is weer begonnen. De komende 6 maanden varen we naar Aruba, Haiti, Jamaica, Cuba en de Bahama's. 
We zijn klaar voor nieuwe avonturen!


Sent from Iridium Mail &a   mp;  Web.

dinsdag 17 juli 2018

Weer even terug in Trinidad en Tobago


Tussen het werken, socializen en rommelen door hebben we eindelijk tijd gevonden om de video over onze tijd in Tobago en Trinidad af te maken. Een beetje heimwee krijgen we er wel van...

vrijdag 6 juli 2018

Iedere tuthola kan scooter rijden!



Een maand liggen we alweer op Bonaire!! Hoog tijd om een leemte in de opvoeding op te vullen: scooter rijden... Gesterkt door de wetenschap dat ik hier iedere tuthola op een scooter zie rijden, ik 3x gezakt ben voor mijn motorrijbewijs (en het vervolgens maar heb opgegeven) en door de aanwezigheid van Carla (die zo mogelijk nog minder ervaring heeft dan ik), huren we 3 scooters om Bonaire mee te verkennen.

De verhuurbaas kijkt wat bedenkelijk als hij hoort dat we (de dames) nog nooit scooter hebben gereden en ons hinkepotend oefenrondjes ziet draaien op de parkeerplaats. Hij loopt het eerste stukje wel even met ons mee om te zien of het goed gaat (dat geeft aan hoe hard we rijden...).

Nadat we ons met trillende handen en klotsende oksels door het verkeer van downtoon-Kralendijk hebben geworsteld, pakken we de highway richting zuid. Met de wind van opzij houden we ons stevig met beide handen vast en durven ons hoofd amper te bewegen uit angst dat onze scooter-pet afwaait (so much voor de wind in je haar voelen - met die zeelucht zie je er dan uit als Tina Turner die haar vingers in het stopcontact heeft gestoken). Eenmaal op rustiger wegen gaat het gas er op. Toch zeker wel een kilometer of 40 per uur. Vroemmmm!!!

Bonaire heeft een heel bijzonder landschap - in je ene ooghoek het roze water van de zoutpannen en in je andere ooghoek knal-turquoise water van de zee. Voor ons uit schieten de hagedisjes over de weg, een veilig heenkomen zoekend voor de motorgang.

Aan de horizon slalomt Cas lekker over de weg, Carla en ik volgen verbeten.

We bekijken de slavenhuisjes en staan stil bij de kunstwerken van aangespoeld hout en afval. We lunchen heerlijk bij Lac Bay waar we even wegdromen en ons voorstellen dat wij daar als een speer over het water windsurfen. Eerst maar eens veilig die scooter terugkrijgen in Kralendijk...

Na een uurtje of 4 en het betere bochtenwerk (kl*te grind...) zijn we blij dat we de scooters weer heel kunnen inleveren. Kralendijk haalt ook opgelucht adem want het verkeer op de rotondes stroomt weer een stuk makkelijker door zonder wiebelende slakken er op.

Maar....wordt ongetwijfeld vervolgd want we moeten nog te noord!










zondag 20 mei 2018

Luilekkerland

Ken je dat? Dat je 's ochtends wakker wordt en je ogen open doet zonder enige vrees of de zon wel zal schijnen vandaag? Of dat je uit het raam kijkt en nog net even een schildpad zijn koppie boven het water uit ziet steken? Of dat er iemand langs de deur komt om te vragen of je misschien een vers gevangen kreeft wil die hij dan 's avonds alvast gekookt bij je langs komt brengen?

Wij dus ook niet. Tot we Grenada verlieten en aankwamen in de Grenadines...




Lekker leven is de leus hier en vooral niet in een hoog tempo. Dus dat schrijven voor het blog verdween steeds meer naar de achtergrond. Oké, eens een fotootje op Instagram of Facebook, maar poeh poeh, dat is toch al weer een hele inspanning. Na er door 3 personen vriendelijk op gewezen te zijn dat het toch wel wat stil is op het blog, hier dan de belevenissen van Summerwind in het paradijs!

Met een tussenstop op Ronde Island omdat we echt niet meer in staat bleken om langer dan 3 uurtjes tegen stroom en wind op te boksen, belanden we na Grenada eerst op Carriacou. Officieel nog geen onderdeel van de Grenadines want het valt onder Grenada maar een kniesoor die daar op let. Dagen rijgen zich aaneen waarin we ons blijven verbazen over de kleur van het water als we daar met onze (nieuwe!!) bijboot doorheen planeren. Regelmatig even in je arm knijpen om te zien of je niet droomt. We doen een vergelijkend Pina Colada onderzoekje om te zien welk tentje de beste serveert. We doen een poging om naar het hoofddorp Hillsborough te wandelen maar zijn ontzettend opgelucht wanneer we opgepikt worden door de roti-bus. Dit is één van de reguliere taxibusjes die over het eiland rijden, alleen deze taxi-chauffeuse heeft ook nog een side-business - ze verkoopt haar zelfgemaakt roti's met conch (lambi), kip of vis. We zijn de enige passagiers en ze heeft een hoop vaste klanten op het eiland waar overal even getoeterd en gehandeld moet worden. De passagier is ook het knechtje van de chauffeuse en moet dus de onderhandelingen voeren en de koopwaar (en de inkomsten) afgeven..

Na Carriacou varen we in een uurtje of wat naar Union Island. De hoofdstad Clifton ligt spectaculair achter een rif en bij het binnenvaren worden we door de lokale verkopers in bootjes om de oren geslagen met aanbiedingen voor bananencake (10 euro!), verse vis, groente en fruit en ijs. Eerst maar eens een ankerplekje vinden voor Happy Island en ons melden bij de lokale autoriteiten. Het stadje zelf is kleurig en er is voor lokale begrippen veel te koop. We slaan er wat proviand in maar vertrekken de volgende ochtend vroeg toch naar de andere kant van het eiland. Zoveel reuring zijn we niet meer gewend!

In Chatham Bay dreigen we definitief ons kamp op te slaan. Je ligt er heerlijk rustig (op wat valwinden na), de schildpadden koetelen wat om de boot en het lukt ons zelfs om voor het eerst een stukje met ze mee te zwemmen, en de cocktailtjes op het strand zijn opperbest. De weerkaarten geven alleen maar harde noordoosten wind, dus waarom zouden we verder varen? We kopen eens een visje of een kreeftje, we bakken zo nu en dan een brood en vinden nog een flesje wijn onder de luiken. Het leven is goed op Union Island.

Maar uiteindelijk lukt het ons toch om ons anker weer op te trekken en verder te varen naar Mayreau, een piepklein eilandje en de laatste stop voor we de Tobago Keys zullen aandoen, het ware onderwaterparadijs. Op Mayreau doen we iedere dag een 'kuitenbijtertje' (volgens mij is het een 'billenliftertje') - de dagelijkse tocht naar de enige winkel die het dorp rijk is en die ongelukkigerwijs bovenaan een hele steile heuvel ligt. In de baai oefenen we onze onderhandelingsskills en scoren een mooie covali (een soort makreel) van Papasan de visser in ruil voor 5 ltr benzine. Casper vaart tweemaal per dag in de bijboot de oceaan op om te proberen om zelf ook zo'n vis te vangen (Papasan heeft hem de nodige tips gegeven), maar komt met lege handen (en soms een volle bijboot wanneer er een golf in is geslagen) weer terug. Maar weer een vegetarisch maal vanavond. We BBQ-en op het strand met de bemanning van de Mi Dushi en vieren moederdag met de dames van het local community center die een seafood buffet hebben georganiseerd.

En daarna is het op naar de Tobago Keys. Blauw in heel veel soorten. Ankeren achter een groot rif waar je de oceaan op uiteen ziet breken. Onder water struikel je over de schildpadden die zich niets aantrekken van die blije toeristen die 'Oh' en 'Ah' en 'Jeetje' zeggen en zich verbazen over het oeruiterlijk van deze dieren. Af en toe moeten ze naar boven om lucht te happen en dan kijken ze je aan zo van: "ga jij aan de kant of doe ik het?". Meestal zijn zij het niet. 't Zijn eigenlijk net grazende koeien maar toch vervelen ze nooit. Bij een ander eilandje zit een mooi rif en Henk en Angela (Midas en Midassa Dekker) van de Mi Dushi maken ons wegwijs in de flora en fauna van de onderwaterwereld. We begrepen de fanatieke speurtocht naar de Flying Gunard niet zo, tot we er één zijn vleugels zagen openen.

Die hebben we zelf natuurlijk niet zo mooi gefotografeerd..


En nu liggen we op Bequia (Bekwee), onze laatste stop op de Grenadines. Het is hier een komen en gaan van bootjes die langszij komen in de hoop je was te mogen doen, je croissants te verkopen of diesel of ijs aan de man te brengen. Wij doen overal aan mee want na 2 maanden kunnen onze lakens en handdoeken wel weer iets anders dan een handwasbeurt gebruiken, hebben we sinds Frankrijk geen croissant meer gegeten en ijs is welkom om onze pina colada's weer zelf te kunnen maken. We blijven hier nog een week of wat en zetten dan onze 4 daagse tocht naar Bonaire in. Daar gaan we waarschijnlijk een maand of 6 blijven om het orkaanseizoen uit te zitten, het nodige gezellige familie- en vriendenbezoek te ontvangen, we willen daar gaan duiken en misschien ook wel Spaans leren voor onze verdere tocht. Hoe die er uit gaat zien dat weten we nog niet. De Stille Oceaan roept niet meer zo hard als dat 'ie voor ons vertrek uit Nederland deed en we denken er over om in 2019 eerst maar eens richting Jamaica en Cuba te gaan. Eerst wordt het Bon Bini Bonaire!

Tropische doorkijkjes


Nationale drank, en errug sterk...84,5%


Ankerbaai van Clifton met linksboven Happy Island

Conch/lambi - ook lekker in de roti!

Chatham Bay...zullen we nog een nachtje blijven?

Een pina colada a day keeps the doctor away

En iedere dag een mooie zonsondergang

what the doctor orders...

Hij heeft het nog naar zijn zin hoor!




zondag 15 april 2018

"On-on!"

"Zullen we 'een potje met vet' nu al inzetten", vraagt Henk. We zijn dan net het terrein van Prickly Bay Marina afgehobbeld in een busje waar anderhalf keer zoveel mensen in zijn gepropt als dat er eigenlijk inpassen. Here we go! - samen met de bemanning van de Mi Dushi op weg naar onze eerste Hash!

Nee, natuurlijk geen groenbruine substantie om ons in hoger sferen te doen belanden. Maar een wekelijks wandel- of hardloopevent dat op Grenada (en vele andere plaatsen op de wereld) wordt georganiseerd voor:



Iedere zaterdagmiddag verzamelt zich op een paar dagen daarvoor aangewezen locatie (doorgaans een rumshop) een groep renners en wandelaars - een mix van locale bevolking, expats, studenten en wat zeilers. Jong en oud, dik en dun, alles doet mee. Na een korte instructie door de leider (de Hash Master) klinkt het "ON-ON" en gaat de groep van start. Zorg dat je geen nieuwe schoenen aan hebt naar een Hash, want de schoenenpolitie inspecteert en als je betrapt wordt, ga je pas van start als je een biertje uit je schoen hebt gedronken!

Nu is het zaak om de route te volgen. Deze wordt gemarkeerd door hoopjes versnipperd papier en gaat kris kras door de bush, door achtertuinen van lokale bewoners (die enthousiast uit het raam hangen om je al dan niet de goede kant op te sturen), langs geiten en koeien, door rivierbeddingen, heuvel op en heuvel af. Het is gelukkig slechts een graad of 30.

Splitsingen worden gemarkeerd met een cirkel van versnipperd papier. Hier moet je het zelf uitzoeken en een kant kiezen. Kom je verderop een kruis tegen, dan heb je verkeerd gekozen en moet je terug naar de splitsing. Ben je de weg kwijt of weet je niet meer of je op de goede weg zit, dan roep je "Are you?". Roept er iemand voor je "on-on" dan zit je op de goede weg, is de respons "on-back" dan kan je terug naar de laatste splitsing en bij "checking" of "lost" weet de ander het ook niet. Kinderen en dorpsbewoners geven ook gezellig antwoord.

Competitief gedrag, voordringen (FRB's - front running b*tches) en de weg afsnijden (SCB's - short cut b*tches) worden met grote minachting bekeken. We hebben weinig Duitse hashers gezien. Houd je het niet vol en ga je daarom eerder terug - geen enkel probleem, dat betekent alleen maar dat je eerder aan het bier kan dan de rest.

Na een uur tot anderhalf uur lopen kom je terug bij het startpunt waar de soca-muziek al flink hard uit de boxen komt schallen, de oil-down (een lokaal Grenadees gerecht) klaar en de biertjes koel staan. Dat is maar goed ook want we zijn 3 liter vocht verloren onderweg. Als nieuwelingen in het Hashing doorstaan wij het ontgroeningsritueel - het is vervelender voor onze busgenoten dat we van top tot teen naar verschaald bier ruiken... Het is al donker als we ons weer in het busje richting de ankerplaats proppen, maar gelukkig brengt een lokale rum-shack onderweg wat licht in de duisternis. De helft van de busbevolking stapt uit om de lokale rum te proberen en een gegrild kippetje te scoren die op straat gebbq-ed worden. Wij kunnen niet achterblijven. We blijven tenslotte runners with a drinking problem..euh...drinkers with a running problem.

De Harriers (mannelijke hashers) en Harriettes (vrouwelijke hashers) voor de start

en erna...
lil' kleine

Nieuwe schoenen...dom of juist niet?

on-on door het bos