woensdag 13 september 2017

Kielekiele

"Hoeveel centimeter nog onder de roerbladen?" "Volgens mij ligt de buik al vast." "Liggen we nu scheef?" "Moeten we anders een anker uitbrengen aan de zijkant?" "Volgens mij is het daar dieper!" We zitten met 4 mensen in de kuip en Femmie ligt in het water en wordt rondjes rondom de boot gestuurd om te kijken of het overal even diep is en om de diepte onder de boot te meten. Het valt niet mee als 13-jarige tussen alle volwassenen...

Bij het schrijven van ons vorige blog hadden we al lang en en breed bedacht hoe we de hele Algarve en een deel van de Spaanse zuidkust zouden gaan verkennen. Sterker nog, we waren al anker op gegaan om te vertrekken! Alleen de kiel moesten we nog even laten zakken... Normaal een kwestie van een knop ingeduwd houden maar nu blijft het oorverdovend stil. Ons hydraulisch systeem lijkt niet te functioneren, waarschijnlijk door een lekkage van de slangen die in de kielkast zitten. Om dat te controleren moet de kielkast open en dat betekent dat we moeten droogvallen (we weten niet zeker of het water boven de kielkast uitkomt als we 'm openmaken dus om het zekere voor het onzekere te nemen, hebben we liever geen water onder de boot als we dat doen).

Kielkast openmaken. Spannend!


De eerste keer gaat het vlekkeloos maar is het donker dus dat kunnen we niet bewijzen. Peter van zeilboot De Liefde (sydeliefde.blogspot.nl) komt een handje helpen en Monique en Femmie verlenen morele support vanaf hun boot. Het euvel is snel bewezen. Kielkast gaat open en bij de eerste aai over de hefkielknoppen spuit de hydraulische olie er uit. Slang lek. Kielkast gaat weer dicht en een paar uur later drijven we weer.

De boosdoener
Cas gaat vol goede moed op pad naar Portimao om op zoek te gaan naar nieuwe slangen. Hij heeft mazzel want hij komt per toeval Arie tegen. We hebben een paar weken eerder naast hem voor anker gelegen en hij haalt die dag toevallig net zijn boot uit het water en kent de scheepswerf van Portimao als zijn broekzak. Twee uurtjes en wat kopjes koffie later kunnen we weer anker op om de lekke slang te demonteren zodat die naar het hydrauliekmannetje kan. Kwestie van weer een keer droogvallen. Peuleschil. Hebben we immers al gedaan.

We varen naar dezelfde plek, het water zakt alleen dit keer zakken wij mee! Naar één kant!! De boot helt over en helt over. Binnen valt alles om. Even is er blinde paniek. "We gaan om!!" roept Casper. "Wat moet ik doen???" roept Floor. Dan lijkt de boot langzaam tot stilstand te komen. Peter is dan al halverwege De Liefde onze kant op geroeid, opgeschrikt door ons geschrokken gegil.

Rechtop duwen lukt niet meer.

Daar ligt ze dan onze stoere Summerwind. Gestrand. Droogvallen voor amateurs. De schrik zit ons even goed in de benen en de tijd voordat we weer drijven kruipt voorbij. En we moeten nog een keer om straks de nieuwe slang te monteren.

AU!!!

Een paar dagen later is het zover. Monique en Peter zijn aan boord gekomen om morele support te verlenen en met z'n vieren maken we elkaar helemaal gek met ieder zijn eigen gedachten over wat we nu wel of niet moeten doen. Iedere millimeter dat het water zakt wordt in de gaten gehouden. En het lukt! Drooggevallen zoals het hoort, in de stralende zon! De nieuwe slang wordt gemonteerd en de kiel loopt weer als een tierelier.



Het is duidelijk en welverdiend: Peter krijgt de Summerwind Kluskroon uitgereikt! (medezeilers let op: als je bij De Liefde aan boord een klus verricht, maak je kans om deze felbegeerde trofee uitgereikt te krijgen want het is een wisseltrofee)

(klus)Koning!


Tussen het klussen door wordt er gevist (maar niks gevangen)

En Lagos bezocht (low-budget lunch)



zaterdag 26 augustus 2017

Home away from home

We hebben ons kamp opgeslagen in de Algarve. Tot eind september wanneer we verder willen naar Marokko. Vanaf Lissabon zijn we in de richting van Cabo Sao Vincente geprutteld, het meest zuidwestelijke punt van het Europese vasteland en een indrukwekkende kaap om te zien. Met het ronden van die kaap nemen we (voorlopig?) afscheid van de frisse oceaanbries en deze maakt plaats voor een warme wind. Truien en lange broeken worden diep weggestopt en we moeten naarstig op zoek naar een grotere variëteit aan bikini's en zwembroeken. Er zijn er eerder onderweg een paar gesmolten in wasdrogers die wellicht wat te hoog ingesteld waren...


Cabo Sao Vincente




Ons basiskamp is Alvor geworden. Een klein toeristisch dorp aan een lagune tussen het nog veel meer toeristische Lagos en Portimao. Alvor ligt aan een soort waddengebied waar iedere 6 uur de zandplaten droogvallen, en dat alles beschut van de oceaan door een duingebied. Als je het nog niet was dan word je hier vanzelf een soort Midas Dekker want de diversiteit aan vogels, vissen en krabbetjes is groot. De menukeuze in de restaurantjes is dat niet. Sardientjes, sardientjes, sardientjes. Gelukkig vervelen die niet snel. Naast sardientjes zijn er ook veel roodverbrande luidruchtige Engelsen. Die vervelen wat eerder. 



Alvor ankerplaats

Vanuit ons basiskamp maken we uitstapjes naar verschillende stranden en baaitjes in de buurt. De eerste familie komt op bezoek en samen met hen wordt er van alles ondernomen. We zeilen een dagje mee met Ronald en Anneke op hun nieuwe boot (en ontdekken dat er dus boten zijn die met minder dan windkracht 3 wel nog kunnen zeilen). We eten gezellig met oud-collega Jeannet en Ed. En maken kennis met menig andere bewoner in ons basiskamp. We doen ook mee aan de lokale feestweek en vegen op de afsluitende avond de dansvloer aan wanneer de Portugese Nick & Simon komen optreden (Ricardo & Henrique, check them out!!!). Het voelt al bijna als thuis.




Familiepret







De komende weken staan in het teken van klussen aan de boot - het bovendek heeft een nieuwe laag verf nodig en we voeren een eeuwige strijd tegen roestplekjes - de rest van de Algarve verkennen en er staan nog andere familiebezoeken op de planning. We bereiden ook langzaam onze reis naar Marokko voor waar we een roadtrip willen gaan maken. En tussendoor vooral heel veel genieten!

Sleutelen. Aan je eigen boot of die van de buren.


Voordeel van droogvallen. Boot poetsen!


donderdag 10 augustus 2017

Reismojo

'Pfff, ik zie constant meer dan 25 knopen op de windmeter'. 'Ja maar we hebben wind van achteren en dan lijkt het altijd minder'. 'Maar de golven gisteren waren toch best behoorlijk'. 'Straks krijgen we wel meer van dit soort wind'. 'Ok, laten we dan maar gaan'.

Zonsopkomst in een winderige ankerbaai

Het is donderdagochtend 7 uur, wat een tijdstip voor deze discussie! Het heeft de hele nacht flink gewaaid en hoewel we rustig lagen op onze ankerplek, slaap je dan toch meestal wat onrustig. We maken de boot klaar voor vertrek en halen de laatste weerberichtjes op. Gisteren vertrokken we uit Lissabon met flinke wind. En op zich was het allemaal prima - het grootzeil een flink stuk kleiner gemaakt, het voorzeil gereduceerd tot een snotlap, en toch nog 7 knopen. Dat is racen 'Summerwind-style'. 

Maar we zijn ons reis-mojo een beetje kwijt en in een vakantieritme beland. Bijna een week in de haven van Porto gelegen, daarna ruim een week in de haven (met zwembad!) bij Lissabon. Tussendoor weliswaar een nachtje geankerd bij prachtig Ilha da Berlengha, maar dat voelde toch heel rollerig na al die dagen vastgeknoopt aan een solide en beschutte steiger. We wisten niet hoe snel we de lijntjes weer moesten vastknopen bij Lissabon! 

Echter, na een dag of 7 begint het langzaam te knagen. De havenkosten lopen op, het zwembad hadden we nou wel gezien en we zagen iedere dag fantastisch zeilweer voorbij komen. Dus uiteindelijk gooien we toch maar los na een (iets te) gezellige avond met Harry-in-a-hurry, een medezeiler die zin had in een praatje met mede-Nederlanders. Hij zeilt langs de Europese kust alsof hij achterna gezeten wordt, al begrijpt hij zelf niet waarom hij zo'n haast heeft. 

En tot overmaat van ramp moeten we afscheid nemen van ons reismaatje Ed. We kwamen Ed tegen in Camarinas in Spanje en we zijn de laatste maand samen opgevaren, hebben van elkaar geleerd en hebben het gewoon heel gezellig gehad. Maar Ed gaat in de komende 13 maanden grotendeels in zijn uppie naar Kaap Hoorn en wellicht ook nog South Georgia varen (daar waait het zo hard dat wij ons daar niet eens een voorstelling bij kunnen maken). Dus onze wegen scheiden zich. Ed, we gaan je missen. Behouden vaart en als het goed is hebben we altijd Ed-net nog! 


Dag Ed, we gaan je missen hoor!
Dus de stemming is wat bedrukt als we de Taag afvaren. We zien Harry-in-a-hurry aan de horizon verdwijnen, hij sprint alweer op weg naar de Algarve. Wij slaan na de eerstvolgende kaap alweer linksaf onze volgende bestemming tegemoet. En daar worden we gelukkig wakker geschud. Nog volop in ons vakantieritme roepen we de haven op: "Marina Troja, marina Troja, this is sailing vessel Summerwind. We would like a berth for tonight. We are 12 meters long and 4 meters wide. Over." Marina Troja hoort ons: "Sailing vessel Summerwind, this is Marina Troja. We are full and you cannot come in. Over". We kijken elkaar een beetje beduusd aan. Zei ze nou echt dat de herberg vol zit? Met deze wind? We proberen het nog een keer. "Marina Troja, marina Troja, this is sailing vessel Summerwind. Where do you suggest we go for the night? With this wind? Over." Marina Troja stelt voor dat we het maar bij 2 andere havens proberen, 2 uur varen verderop, waarvan de vaargids vermeldt dat die niet geschikt zijn. "Over and out!" voegt ze er nog aan toe.

Verder zuidwaarts
Voor ons is dit net het duwtje wat we nodig hebben om ons weer in ons ankerstramien te krijgen. We zoeken een plekje langs de hoge kliffen waar het weliswaar poeiert van de wind, maar waar we geen last hebben van de deining of de golven. We liggen goed voor de nacht.
En terwijl ik het laatste weerbericht binnenhaal en alle losliggende spullen zeevast opberg, overdenk ik zo de dag van gisteren. En Ed's reisplannen die allemaal wat meer vaart moeten krijgen als hij straks wegvaart uit Lissabon. En Harry-in-a-hurry. En dan vraag ik aan Casper: "Waarom moeten we ook alweer vandaag verder?" Hij weet het ook niet. Dus we blijven nog een dagje in deze prachtige ankerbaai. Weg van alle comfort en met veel rust, ruimte (en wind!) om ons heen. We hebben ons reis-mojo terug!

Prachtig Ilha da Berlengha

Mojo-baai



Senja (van Ed) en Summerwind voor anker bij Ilha da Berlengha


De bijboot. Toys for boys.

Op grot-excursie met de bijboot

Nog meer Ilha da Berlengha




donderdag 27 juli 2017

Visserslatijn

We kijken nog één keer achterom. Een laatste blik op de Ponte da Arrábida, nog eenmaal zwaaien naar de vissers die de hele dag door hun vislijn uitgooien in de Douro, nog even de was zien wapperen op de openbare wasgelegenheid waar de lokale vrouwen hun was doen en waar de laatste nieuwtjes worden uitgewisseld. Rook kringelt tussen de huizen op - de eerste restaurantjes steken de BBQ alweer aan voor de lunch. Het menu is overal hetzelfde. Sardientjes, zeebaars, zalm of dorade van de grill met salade en een gekookte pieper. En met de Portugese charme die je er gratis bij krijgt, smaakt dit overal overheerlijk.





We liggen 5 dagen in de haven van Porto, aan de monding van de Douro bij het vissersdorp Afurada. Smalle straatjes, alle huizen betegeld met kleurrijke tegels, verweerde mannen die bij elkaar hangen en wat achterdochtig naar die zeiltoeristen kijken maar soms toch ook wel ontdooien als je ze vriendelijk gedag probeert te zeggen in het Portugees. Vaak wat potige dames met een schort voor die hun stoep dweilen, de was doen, en boodschappen.

Eindeloos veel cafeetjes die allemaal op elkaar lijken waar de TL balk knippert en je de lokale specialiteit kan eten: de Francheshina - een soort tosti met 4 soorten vlees, overgoten met gesmolten kaas en een ei er op, die drijft in een jus-achtige saus. Laten we zeggen dat je het op z'n minst 1 keer moet proberen...


Nu we voorlopig op de Atlantische Oceaan zitten wordt het tijd om ons visgerei uit te breiden voor het echte werk. We willen tonijn gaan vangen en dorades! De lokale visgereispecialist licht ons niet alleen goed voor en voorziet ons van de juiste hengel en aasjes, maar hij verrijkt ons ook met zijn visie op de wereld, de teloorgang daarvan, hij legt ons uit wat armoede (niet zoveel geld hebben) van echte armoede onderscheidt (altijd maar meer willen en geen tijd hebben om met vrienden en familie door te brengen) en hij vertelt over Porto en de historie. Deze visfilosoof deelt en passant ook nog een verbale oorvijg aan ons uit vanwege minister Dijselbloem's uitspraken over zuid europese mannen die niets anders doen dan drinken en achter vrouwen aanzitten...

We verdwalen in de smalle steile straatjes van Porto, kunnen uren kijken naar de oude vissers die op zondagochtend om half 8 met hun schorten voor staan te vissen, zien de oude portschepen die zijn omgebouwd tot toeristische rondvaartboten eindeloos op en neer varen en bezoeken natuurlijk 1 van de porthuizen. Overal waar je komt, neem je je tijd want mensen nemen ook de tijd voor jou en willen graag een praatje maken. Op de markten staan de kraampjes met bacalhau, gedroogde en gezoute kabeljauw.




Helaas is het na 5 dagen Porto voor ons weer tijd om verder te varen. Om verder te komen,rekenen we op de Nortada, de Portugese noordenwind die iedere dag trouw een paar uur de kop op steekt en ons met een goede vaart zuidwaarts zou moeten brengen. Helaas...na al die dagen een vast patroon te hebben laten zien, laat de Nortada het bij ons vertrek afweten. We belanden in de dichte mist. Er is geen wind. We laten Porto daarom maar heel langzaam achter ons Misschien treurt zijook een beetje om ons vertrek?


 







maandag 17 juli 2017

Riant in de ria's

"Zullen we nog even naar de bakker lopen voor de lunch?" vraag ik. "Hè, maar daar zijn we vanochtend toch al geweest voor ontbijt?", krijg ik terug te horen. "Zullen we dan even naar de fruitwinkel lopen voor zo'n lekkere meloen?"

Na bijna 3 weken ankeren liggen we voor het eerst weer in een haven voor een 36 uur huishoudelijke klussen marathon en het voelt als een luxe dat we zo vanaf de boot het stadje in kunnen lopen zonder eerst de bijboot te water te laten en naar de kant te roeien, een goeie plek te vinden voor de bijboot, uit te zoeken of het hoog of laag water is (anders kan je je bijboot nog wel eens raar terugvinden als je je daar in vergist) en je aankopen eerst te drogen moeten hangen omdat de terugrit naar de boot toch wat natter uitpakte. We kunnen 3x per dag warm douchen als we willen en ieder elektronisch apparaat dat aanwezig is op de boot wordt opgeladen, of dat nodig is of niet. Volgens een strak schema:

  • zoeken we een wasserette (de haven heeft wel een wasmachine, maar wij hebben 17 kilo te verstouwen en dat betekent minimaal 4 wassen in de huis, tuin en keukenmachine die er op de haven is)
  • zoeken (en vinden!) we een bedrijf dat onze gasflessen kan bijvullen. Het eerste adres sinds Nederland dat bereid is dat te doen. (voor medezeilers in deze buurt, in Cangas, Ria de Vigo zit bovenin het dorp een bedrijfje waar je de groene stalen of kunststof propaanflessen kan laten vullen - 's ochtends brengen, om 17u ophalen)
  • vullen onze voedsel en watervoorraden aan
  • vullen onze kwijt- of kapotgeraakte watersportspullen
  • poetsen en ontzouten we de boot van binnen en van buiten
  • werken administratie en post bij met onbeperkte toegang tot internet
  • klussen alvast de volgende gastenvlag voor Portugal in elkaar
Portugese gastenvlag 'in the making'

Gasflessen vullen!


We zijn pas een dikke 3 weken in Spanje maar het voelt al als veel langer. Het voelt ook alsof er een bepaalde rust over ons is gekomen nu die eerste belangrijke drempel, de golf van Biskaje, achter ons ligt. We genieten enorm van de Spaanse ria's. Je kan je ze voorstellen als hele grote baaien, omringd door bergen, waarbinnen weer kleinere baaitjes en dorpjes liggen. Iedere ria heeft wel een beetje een eigen karakter. De ene heeft veel industrie terwijl de andere juist een hele verlaten en ruige indruk maakt. De ene is toeristisch en bevat een aantal groter(re) steden terwijl de andere soms maar een of twee kleine dorpjes bevat. We belanden in Cangas temidden van de waterprocessies die worden gehouden voor de Maagd Carmen, we sprokkelen voor anker onze eigen borrelhap bij elkaar (venusschelpen), we wandelen en zwemmen en kijken vanaf de boot hoe iedere dag het dorpsleven vanaf een uur of 5 's middags ontwaakt. Hoogtepunten voor ons waren:
  • Camarinas: op de ankerplek ontmoeten we hier verschillende andere Nederlandse zeilers die we tijdens onze reis hopelijk nog vaker gaan tegenkomen. Leuk om de eerste ervaringen uit te wisselen! En de lekkerste sardientjes van de BBQ gegeten bij Restaurante La Marina.
  • Finisterre: we liggen goed beschut tegen de harde noordoosten wind in Ensenada de Sardineras en wandelen naar Kaap Finisterre - voor veel pelgrims die naar Santiago de Compostella zijn gelopen het uiteindelijke eindpunt waar ze hun sokken verbranden.
  • Muros: het plaatsje is erg leuk met zijn smalle straatjes.
  • Corrubedo: de mooiste ankerplek die we tot nu toe tegenkwamen - voor het strand waar de huisjes direct aan grenzen. En die calamares...
  • De supermarkten: zelfs de kleinste supermarkt in het kleinste gehucht heeft nog een versafdeling voor vlees en vis. Daar kunnen de Nederlandse kruideniers niet tegenop!




Cabo Finisterre


Voor velen het eindpunt van een bijzondere reis

Kneuterig straatje in Muros
En nog een














Waterprocessie voor Carmen

Je moet wat doen voor je borrelhap

Ankeren dicht bij het strand

Een ria bezien van bovenaf

Een beetje verliefd op Corrubedo


Gelukkig hebben we nog een paar dagen te gaan voordat we verder gaan richting Portugal. De komende dagen willen we gaan ankeren bij Isla Cies, een nationaal park waar je een vergunning voor moet hebben om te mogen ankeren. Daarna kan onze Wat en hoe in het Spaans voorlopig weer de boekenkast in en beginnen we aan een spoedcursus Portugees. En ach...wat gaan we die Spaanse keuken missen...

donderdag 6 juli 2017

"See you on the circuit"

Kriieeek, snok...kriiiieeeek snok... Met een zucht klim ik uit bed, zoek in de doucheruimte naar een slaapzak en stommel voor de derde nacht op rij met m'n kussen onder m'n arm richting de salon. Ik word morgen waarschijnlijk weer wakker met een stijve rug, maar hopelijk pak ik op z'n minst een beetje slaap daar. In de punt van de boot waar we slapen, gaat het kraken van de lijnen op de steiger door merg en been en iedere keer als ik net in te dommel, rukt de boot hard aan de lijnen waardoor het lijkt alsof iemand me een enorme douw geeft.

Vanuit Gijon zijn we in redelijk tempo een flink stuk westwaarts opgeschoten en in onze eerste Spaanse ria aanbeland - Ria Ribadeo - waar de rivier de Eo, die de provincies Asturie en Galicie van elkaar scheidt, in zee uitmondt. Deze ria is eigenlijk net te groot voor het servet maar te klein voor een tafellaken. We hebben net te weinig ruimte om lekker te ankeren, proberen dit toch en vallen daardoor onbedoeld voor de eerste keer droog met onze boot. Dit gebeurt natuurlijk 's nachts dus dat is een onrustig nachtje 1. De dag er na pakken we daarom maar een meerboeitje op dat vast hangt aan een blok beton op de zeebodem zodat we daaraan kunnen hangen met de boot en minder ruimte nodig hebben om rond te draaien. Helaas is deze constructie niet gebouwd op het gewicht van onze boot dus wanneer de wind aantrekt ('s nachts natuurlijk...) slepen wij gezellig met een blok beton aan onze boot door de ria richting kade. Onrustig nachtje nummer 2.



We zijn daardoor genoodzaakt om naar de haven van Ribadeo te verkassen te midden van een selectie van Franse en Engelse pensionada's die daar al even liggen. Hier liggen we 4 dagen verwaaid vanwege de harde wind en de bijbehorende deining die vol de haven in staat. Onrustige nacht 3, 4, 5 en 6. Iedere ochtend wordt op de steiger het leed van de afgelopen nacht met elkaar uitgewisseld en inmiddels doen onze wallen bijna niet meer onder voor die van de pensionada's.

Overdag wandelen we de hele ria rond en gaan op zoek naar een huurauto. Die is volgens de lokale VVV alleen te verkrijgen bij een obscure kroeg die helaas de hele week dicht is. In een poging om beter weer af te dwingen, leggen we een stukje van de pelgrimsroute richting Santiago de Compostella af en dat lijkt te werken. Voor het einde van de week wordt er een stabiel weergaatje voorspeld om verder te trekken.






Op zaterdag scharrelt iedereen zenuwachtig rond op en om zijn boot. "Gaan jullie vandaag al?" "Heb je het gezien, de catamaran is vanochtend vertrokken en ook die Fransen met die rooie boot zijn al weg". We lopen nog een keer het dorp in voor wat laatste boodschappen en komen op de terugweg de roze Engelsman tegen. Hij is niet echt roze, maar zijn boot heeft wel een zalmroze kleur en op deze manier weten we aan boord over wie we het hebben. Hij vertelt dat hij zelf een dagje later vertrekt omdat hij nog op nieuwe bemanning wacht. Maar, zo zegt hij, "I'll see you on the circuit". En zo valt onze kleine gemeenschap van een week oud uiteen. De een vaart oostwaarts, de ander west. De een een nacht door en de ander duikt de eerst volgende haven weer in.

Wij varen in 2 flinke dagtochten naar A Coruna en vieren daar deze kleine mijlpaal met zelfgebakken appeltaart en een paar goeie Spaanse lunches. Wanneer we met onze bijboot door de haven tuffen, zien we een Nederlandse boot die we eerder in Roscoff tegenkwamen en drinken daar wat aan boord. Een stukje verder liggen de Amerikanen met wie we in Camaret voor anker lagen. Even later, varend richting de ankerplaats, staat een Engelse dame hartelijk naar ons te zwaaien en te roepen. Mevrouw Bahari (de mevrouw die bij de boot hoort die Bahari heet) is ook aangekomen in A Coruna en vertelt over de avonturen die ze hebben beleefd sinds de laatste keer dat we haar zagen. We kletsen wat en als we wegvaren roepen we haar na: "See you on the circuit!".



maandag 26 juni 2017

Adieu Bretagne; ¡Hola Asturië

 “Twee mijl rechts voor ons zit een vissersboot en elf mijl aan bakboord komt een groot schip dat op weg is naar Bilbao maar die gaat als het goed is ruim voor ons langs”. Slaapdronken stap ik vanuit de kajuit de kuip in. Het is donker, geen maan of sterren, en ik zie geen steek. “Oke, even doorbijten, over 3 uurtjes kan je je bedje alweer in” zeg ik tegen mezelf. M’n ogen wennen langzaam aan het donker en ik probeer me te oriënteren op de lichtjes van de vissersboot in de buurt om te bepalen waar hij heen vaart. Wanneer ik er zeker van ben dat we geen aanvaring zullen krijgen, installeer ik me met een kop thee achter de buiskap, probeer wat te lezen en om wakker en warm te blijven, dans ik af en toe wat slechte dans moves op jaren 80 hits. We zitten midden op de Golf van Biskaje, het is 3 uur ’s nachts, niemand die het ziet!!
We hebben een paar heerlijke dagen gehad op de Iles de Glenan, een archipel voor de kust van Bretagne. Allemaal kleine eilandjes in glashelder water waar je je anker kunt zien liggen. Witte zandstrandjes. En zonnig genoeg om ons ervan te overtuigen om nu eindelijk maar eens te gaan zwemmen. We wanen ons al een beetje in de Carieb.




Voor ons een beetje een afsluiter van de Franse kust. We doen nog 1 stop in Concarneau waar we de dieseltank volgooien en 3 keer met een karretje van de supermarkt de hele stad door wandelen om de gas- en voedselvoorraad aan te vullen. Wat een luxe dat we daar niet mee hoeven te sjouwen.
En dan is het zover, we gooien los om aan onze eerste meerdaagse tocht te beginnen. De Golf van Biskaje. Het kan er goed spoken maar wij denken dat we een rustig weergaatje hebben gevonden. Als het goed is niet meer dan windkrachtje 3 en misschien nog wel belangrijker, weinig deining die vanaf de Atlantische Oceaan de Golf van Biskaje in komt rollen waar de diepte rap terugloopt van 4 km naar zo’n 50 meter.

Onderweg is het genieten maar ook balen van al dat water om je heen. Het is prachtig om de kleur van het water langzaam te zien veranderen in een diep staalblauwe kleur. Vol verwachting te turen over de waterlijn of je ergens dolfijnen of walvissen kunt spotten of te kijken naar de vogels die zich als ware kamikazes in het water storten om vervolgens weer op te vliegen alsof hun neus bloedt, soms wel en soms geen visje in hun bek. De verwondering als er een stuk of 25 dolfijnen bij en met de boot komen spelen, zo dichtbij dat als je op je buik gaat liggen je ze aanraken kan. Prachtige zonsopkomsten- en ondergangen en sterrenhemels.









Maar het is ook heel veel uur met z’n tweeen op een kleine boot die constant in beweging is en waar je niet heel veel meer kan doen dan zitten, liggen of staan. Een lijf dat moet wennen aan een ritme van 3 uur slapen en 3 uur waken en zich steeds schrap moet zetten tegen onverwachte bewegingen van de boot.  Discipline om iedere 3 uur de positie van de boot te noteren in het logboek. Waakzaam zijn op geluiden die mogelijkerwijs aangeven dat iets niet goed functioneert. Bij een even aanwakkerende wind je billen samen knijpen en heel hard hopen dat dit niet betekent dat het weerbericht niet klopt en er toch heel veel wind op komt zetten.
Zo’n 3 daagse tocht is eigenlijk net te kort om echt lekker in je ritme te komen. Ik ben duidelijk geen geboren zeezeiler die zich nergens zo gelukkig voelt als midden op zee en af en toe betrap ik mezelf er op dat ik me afvraag hoe iemand dit meer dan 20 dagen vol kan houden. Maar dan halverwege de 3e dag, misschien opgewekt door het vooruitzicht dat we nog maar 1 nacht te gaan hebben, komt er een omslagpunt en neemt de moeheid af. En wanneer ik mijn laatste nachtdienst in ga en de kuip in stap, zie ik aan de horizon al een grote roze lichtkoepel en een vuurtoren die zijn lichtbundel rondstuurt. Spanje is in zicht!!



Plaatje 'geleend' van internet


Na aankomst dompelen we ons onder in het Spaanse leven in Gijon. We moeten onze net in Bretagne aangeleerde cider gewoontes aanpassen want hier in Asturië gaat dat weer helemaal anders! Het is heerlijk, helder en valt kletterend in je glas. Je meldt je in een lokale sidreria en probeert daar door middel van een opgeheven hand en een duim naar beneden duidelijk te maken dat je cider wil. De barman opent dan een fles voor je, houdt deze verticaal boven zijn hoofd en schenkt een klein bodempje in een glas dat hij ergens ter hoogte van zijn knieen houdt. En tegelijkertijd kijkt hij heel stoer en nadrukkelijk niet naar hoe hij inschenkt. Vervolgens is het de bedoeling om de cider in een teug op te drinken om de frisse en mousserende smaak niet te verliezen. En dit ritueel herhaalt zich totdat de fles leeg is. Het schijnt dat de gemiddelde Asturiaan een fles per dag drinkt en overal op straat zien we mensen ook zelf zo hun cider inschenken. Wij besluiten alvast om na onze reis een sidreria te gaan openen in Amsterdam. Alleen nog even oefenen met inschenken.



In vergelijking met Frankrijk, leeft Spanje veel meer. We verstaan er geen woord van maar genieten toch van de conversaties die er worden gevoerd waarbij veel handgebaren aan te pas komen. ’s Avonds loopt de hele stad in zijn beste goed een beetje te flaneren alvorens aan tafel te gaan. Overal zijn kleine winkeltjes die groente, fruit en brood verkopen en die tot laat open zijn. Er wordt volop gesport en genoten. Wij hebben zin om Spanje te gaan verkennen. Maar nu eerst: dos cidras por favor!